Grote voorraad, direct meenemen
Gratis verzending vanaf €60*
Door gepassioneerde pitmasters
Wij laten je niet in de kou staan
Van beginner tot expert
Een kamado aansteken lijkt in het begin soms ingewikkelder dan het echt is. Dat komt vooral doordat er online veel verschillende adviezen rondgaan. De een gebruikt aanmaakblokjes, de ander zweert bij een Monolighter en weer iemand anders vult zijn kamado maar half. Voor iemand die net begint, kan dat onnodig verwarrend zijn.
Toch is een kamado aansteken in de praktijk juist heel overzichtelijk. Zodra je de basis begrijpt, merk je dat het niet moeilijk is, maar vooral een kwestie van rustig en logisch werken. En precies daar begint een goede sessie. Want hoe je je kamado opstart, heeft invloed op alles wat daarna komt. Een stabiel vuur, voldoende luchtcirculatie en een goed opgebouwde temperatuur zorgen voor meer controle tijdens het koken en uiteindelijk ook voor een beter resultaat op het rooster.
Of je nu net een kamado hebt gekocht of gewoon wilt weten of je het slimmer kunt aanpakken, met deze uitleg steek je jouw kamado veilig, efficiënt en zonder onnodig gedoe aan.
Voordat je überhaupt vuur maakt, is het slim om eerst even naar de basis te kijken. Wat ligt er nog in de vuurkorf van je vorige sessie? Zit er nog bruikbare houtskool in? En hoeveel as is er achtergebleven?
Dat eerste moment van voorbereiden wordt vaak onderschat, terwijl het juist veel verschil maakt. Een kamado die van binnen netjes en luchtig is opgebouwd, reageert prettiger op temperatuur en komt makkelijker op gang. Is de onderkant verstopt met as, dan merk je dat de luchtstroom minder goed werkt. En zonder goede luchtcirculatie krijg je ook minder controle over je vuur.
Begin daarom altijd met deze korte controle:
Werk je met een Kick Ash Can of een vergelijkbare asopvang, dan gaat dit nog sneller. Wat vooral belangrijk is: wees niet te zuinig met vullen. Ook voor een kortere sessie is een goed gevulde vuurkorf slim. Je kamado blijft stabieler, je komt minder snel warmte tekort en wat overblijft gebruik je later gewoon opnieuw.
Een vraag die vaak terugkomt, is hoeveel houtskool je nodig hebt. Het eerlijke antwoord is: meestal meer dan je denkt. Niet omdat je alles tijdens die ene sessie opmaakt, maar omdat een kamado nu eenmaal het prettigst werkt wanneer het vuur genoeg ruimte en brandstof heeft om stabiel te blijven.
Voor korte grillsessies hoef je de vuurkorf niet tot de rand te vullen, maar half werk is ook niet ideaal. Zeker wanneer je daarna toch indirect wilt koken of wat langer bezig bent, merk je al snel dat extra houtskool rust geeft. Liever iets te veel dan te weinig. Dat voorkomt bijvullen tussendoor en houdt de temperatuur constanter.
Er zijn meerdere manieren om een kamado aan te steken. De methode die het beste werkt, hangt af van je voorkeur, je type kamado en hoe snel of gecontroleerd je wilt starten. De drie meest gebruikte opties zijn:
Elke methode heeft zijn eigen voordelen.
Veel mensen beginnen met aanmaakblokjes. Dat is logisch, want het is een eenvoudige en toegankelijke manier om je kamado op te starten. Gebruik dan wel de natuurlijke bruine varianten, gemaakt van geperst hout, zaagsel of karton. Witte chemische blokjes kun je beter vermijden, omdat die geur en smaak kunnen afgeven aan je houtskool.
Zo pak je het goed aan:
Na ongeveer zeven tot tien minuten zie je meestal kleine gloeiende plekken ontstaan. Op dat moment weet je dat het vuur zich begint op te bouwen. Zijn de blokjes opgebrand, dan kun je eventuele resten met een tang verwijderen. Daarna mag het deksel dicht en zet je ook de bovenste regelaar open.
Aanmaakwokkels zijn voor veel kamadogebruikers een fijne stap omhoog. Ze zijn natuurlijk, werken schoon en geven geen chemische bijsmaak. Vooral de aanmaakwokkels van Smokin’ Flavours zijn prettig in gebruik. Ze doen gewoon wat ze moeten doen en zorgen voor een rustige, stabiele start.
De werkwijze is eenvoudig:
Dit is een methode die veel mensen prettig vinden omdat hij schoon en betrouwbaar is. Je hoeft weinig na te denken en bouwt toch gecontroleerd temperatuur op.
De snelste en schoonste manier om een kamado aan te steken is voor veel mensen een Monolighter. Geen losse blokjes, geen extra materiaal, gewoon gericht een gloeiend punt creëren en van daaruit het vuur laten opbouwen.
Zo werkt het:
Voor wie vaak met een kamado werkt, is dit meestal de prettigste methode. Je werkt snel, precies en zonder rommel.
Zodra het vuur goed brandt, begint het deel waar veel mensen ongeduldig worden. De kamado komt op temperatuur en dan is de neiging groot om alles helemaal open te zetten om zo snel mogelijk naar je doeltemperatuur te gaan. Dat voelt logisch, maar werkt in de praktijk vaak tegen je.
Een kamado is van keramiek en houdt warmte lang vast. Wat je nu aan lucht geeft, werkt ook later nog door. Daardoor kan de temperatuur ineens te ver doorschieten en moet je vervolgens corrigeren. Dat kost tijd en maakt je sessie minder ontspannen.
Veel beter werkt het om de temperatuur rustig te laten oplopen. Kijk niet alleen naar snelheid, maar vooral naar controle. Zodra je in de buurt komt van je gewenste temperatuur, ga je de luchttoevoer al stap voor stap terugregelen. Zo blijft de opbouw veel stabieler.
Een hitteschild, rooster of druippan plaats je pas wanneer je kamado bijna op temperatuur is. Doe je dat te vroeg, dan rem je de opbouw onnodig af. Doe je het op het juiste moment, dan blijft je sessie veel beter in balans.
Houd er wel rekening mee dat de temperatuur even iets kan zakken zodra je accessoires plaatst. Dat is normaal. Laat de kamado daarna rustig herstellen en begin pas dan met echt finetunen van de luchtregeling.
Een goede vuistregel is:
Het komt niet vaak voor, maar bij lange low and slow sessies kan het nodig zijn om houtskool bij te vullen. Als dat moment komt, is vooral de manier waarop belangrijk. Verse houtskool zomaar bovenop gloeiende kolen gooien lijkt handig, maar verstikt vaak juist het vuur. Je luchtstroom raakt uit balans en de temperatuur zakt sneller weg dan je zou willen.
De betere aanpak is eenvoudiger:
Zo blijft je vuur beter in balans en voorkom je grote schommelingen.
Een kamado aansteken draait uiteindelijk niet om snelheid, maar om een goede basis. Dat is misschien minder spectaculair, maar wel precies waarom een sessie prettig verloopt. Een schoon kolenbed, genoeg houtskool, een logische ontstekingsmethode en een rustige opbouw naar temperatuur zorgen samen voor meer controle.
Na een paar sessies merk je dat je daar vanzelf handiger in wordt. Je voelt sneller aan hoeveel houtskool je nodig hebt, wanneer je lucht moet knijpen en welke manier van aansteken het beste bij jou past. En juist dat maakt koken op een kamado zo leuk. Je krijgt steeds meer gevoel voor vuur, temperatuur en timing.
Wil je niet alleen weten hoe je een kamado aansteekt, maar ook hoe je hem beter leert gebruiken, dan is onze workshop Kamado Basisvaardigheden een mooie volgende stap. Tijdens deze workshop leer je hoe je een kamado opstart, hoe je de temperatuur beheerst en hoe je werkt met grillen, bakken en low and slow bereidingen.
Je gaat zelf aan de slag, krijgt praktische uitleg en merkt al snel dat een kamado geen ingewikkeld apparaat is, maar juist een van de prettigste manieren van buiten koken. Zodra je de basis goed beheerst, wordt alles wat daarna komt een stuk leuker.